Bij de invoering van het Transitie-FTK moest PMA een zogenaamde ‘netto profijt’ berekening maken op basis van wat we nú weten van de financiële situatie.
Het netto profijt geeft de mate aan waarin waarde wordt toegevoegd aan de betaalde premies.
Daarbij maakt PMA een verschil tussen het nu gebruikte transitie-FTK en het reguliere FTK, dat heet het netto profijt effect.
Het netto profijt effect geeft inzicht in de verandering van de toegevoegde waarde bij keuze voor het transitie-FTK. Het netto profijt effect is inzichtelijk gemaakt per deelnemersgroep en geboortejaar.
De berekening van het netto-profijt in mei 2023 kwam uit op het volgende; mensen die al pensioen ontvangen kunnen een netto profijt hebben van maximaal -/- 2.3%. Mensen die nog pensioen opbouwen kunnen een netto profijt hebben van maximaal +/+ 0.8%, zij betalen immers nog premie voor hun pensioen.
Een dergelijke bandbreedte in netto profijt uitkomsten vindt het bestuur acceptabel uit oogpunt van evenwichtigheid. In de totale evenwichtigheid van de transitie naar NPS, zal dit effect ook worden meegewogen.
