Het PMA-pensioen in 10 minuten
Alle medewerkers van openbare apotheken nemen deel aan de PMA-pensioenregeling. Ze sparen voor hun eigen pensioen, voor nabestaandenpensioen voor hun partner en kinderen, en ze zijn via PMA verzekerd voor het Anw-hiaat en het WGA-hiaat. De pensioenregeling heeft het karakter van een uitkeringsovereenkomst. Het is een middelloonregeling, wat betekent dat de hoogte van het pensioen een afspiegeling is van het gemiddelde salaris.
Sinds 2006 zijn er aparte regelingen voor apotheekmedewerkers geboren vóór en vanaf 1950. Dat komt doordat de opbouw van vroegpensioen (pensioen ingaand voor 65 jaar) door de overheid onmogelijk is gemaakt. Voor werknemers geboren vóór 1950 werd echter een uitzondering gemaakt.
Vandaar dus twee regelingen:
Medewerkers geboren vóór 1950: pensioenleeftijd 61 jaar
Voor deze groep geldt nog steeds een regeling met een standaard pensioenleeftijd van 61 jaar. Omdat er voor 65 jaar nog geen AOW is, bouwen zij ook een tijdelijk ouderdomspensioen op (TOP). Als ze 40 jaar meedoen aan de regeling, kunnen zij op hun 61ste uitkomen op een pensioeninkomen van zo'n 70% van het salaris. Tot 65 jaar is dat inclusief TOP en vanaf 65 jaar inclusief de AOW. Bij een kortere deelname, daalt de pensioenuitkomst.
Medewerkers geboren vanaf 1950: pensioenleeftijd 65 jaar
Deze groep heeft een standaard pensioenleeftijd van 65 jaar. Hun pensioenopbouw is wat hoger, in de buurt van het fiscaal maximum. Hiervoor is gekozen om hen zoveel als kan de mogelijkheid te bieden alsnog eerder met pensioen te gaan.
Beide regelingen zijn zogeheten middelloonregelingen: het pensioen wordt een afspiegeling van het gemiddeld verdiende salaris. Wel wordt dat door indexatie zoveel mogelijk gecorrigeerd voor de CAO-loonstijgingen. Deze indexatie is voorwaardelijk: hij wordt alleen toegekend als de financiële positie van het fonds dat toelaat. De indexatie voor de ingegane pensioenen en voor de pensioenen van de slapers is hetzelfde als voor de werkenden.
In de PMA-pensioenregelingen valt veel te kiezen. Zo kunnen deelnemers hun pensioen eerder laten ingaan (het wordt dan natuurlijk wel lager) of op hun pensioendatum het partnerpensioen inruilen voor extra eigen pensioen.
Nabestaandenpensioen
Het nabestaandenpensioen is een belangrijke voorziening. Voor de partners van uw werknemer is er een partnerpensioen. Dat krijgen zij levenslang uitgekeerd vanaf het moment dat de werknemer (of gepensioneerde) overlijdt. Ook ongehuwd samenwonenden komen voor partnerpensioen in aanmerking, maar dan moeten ze wel door de deelnemer aangemeld worden bij PMA. De opbouw van het partnerpensioen is 70% van de opbouw van het ouderdomspensioen. Daarnaast is er voor kinderen tot 21 jaar (of 27 jaar als ze studeren) een wezenpensioen.
Via PMA zijn apotheekmedewerkers ook verzekerd voor het Anw-hiaat (belangrijk als de nabestaande jonger is dan 65 jaar) en voor het WGA-hiaat (belangrijk bij arbeidsongeschiktheid).
Wilt u meer weten over de PMA-regelingen? Kijk dan op het werknemersdeel van deze site onder Uw pensioen.
